Nieuwbouw Isala vordert

Zwolle – Aan de buitenkant lijkt vlinderconstructie 1 al klaar. Maar binnenin de nieuwbouw van de Isala Klinieken wordt nog hard gewerkt aan het laatste en misschien wel belangrijkste onderdeel: de motor van het gebouw, ofwel de hoofdstroominstallatie.

nieuwbouw_isala_1.jpg

Zo'n beetje alle elektrotechnische onderdelen zitten erin: kabels, leidingen, schakelaars, stopcontacten, lampen. Nu is het in vlinder 1 tijd voor het allerlaatste onderdeel: de hoofdstroominstallatie. Met 10.000 volt spanning vormt deze voorziening de basisvoeding voor de vlinder. De bijbehorende transformatoren zorgen ervoor dat de elektriciteit op elke plek de juiste spanning krijgt, de verdeelkast verdeelt de beschikbare voeding over de verschillende ruimten en functies. De hoofdstroominstallatie is dus als het ware de motor van de vlinder.

nieuwbouw_isala_3.jpg

nieuwbouw_isala_2.jpg

Maatwerk

De hoofdstroomvoorziening wordt bewust als laatste in de vlinders geïnstalleerd. 'Als je die te ver van tevoren maakt, zijn de berekeningen vaak te ruim en gooi je eigenlijk energie weg', zegt Hans Wouters, projectmanager elektrotechniek. 'De "motor" moet voldoende capaciteit hebben om de basisvoeding van de vlinder, reservevoeding en noodstroom te kunnen leveren. De huidige voorziening is volledig afgestemd op alle geselecteerde en in de vlinder aangebrachte installaties, inclusief de laatste wijzigingen.'

Systemen testen

Momenteel is de installatie van de hoofdstroomvoorziening in vlinder 1 in volle gang. Daarna volgen nog het inbedrijfstellen en inregelen van de apparatuur. Wouters: 'Dit houdt in dat we alle systemen instellen en daarna tot op detailniveau testen of alle elektrotechnische onderdelen ook echt perfect werken. Bijvoorbeeld of de elektrisch aangestuurde klepjes ("kraantjes in de leidingen") van het luchtbehandelingssysteem optimaal functioneren, zodat elke ruimte de juiste hoeveelheid warme lucht krijgt. Zo testen we alle systemen, zoals de intercom, de verlichting en het brandmeldsysteem.'

Deur op slot Na de tests van het hoofdstroomgedeelte gaan de plafonds van vlinder 1 definitief dicht. Als alles volgens planning verloopt, is vlinder 1 begin 2012 technisch helemaal klaar. 'Dan kan de deur voorlopig op slot', zegt Wouters trots. Overigens krijgt ook vlinder 2 momenteel zijn 'motor'. Volgend jaar rond deze tijd zijn vlinders 3 en 4 aan de beurt.

Misschien is het u al opgevallen: de glazen overkappingen van de atria van de vlinderconstructies 2, 3 en 4. Net voor de bouwvak waren ze klaar. Hoe zijn die enorme constructies opgebouwd? En hoe blijft al dat glaswerk schoon?

De drie atriumdaken zijn elk ongeveer 20 meter breed en 40 meter lang. Rond de nok zit een gat, hoewel dit eigenlijk niet de bedoeling was. In het oorspronkelijke ontwerp waren de overkappingen tot aan de nok dicht. Maar omdat dan bij brand makkelijk rook onder de kap kon blijven hangen, waren aanvullende veiligheidsvoorzieningen nodig. Uiteindelijk is daarom het ontwerp op dit punt nog aangepast. Elke overkapping wordt gedragen door een constructie van zes houten spanten en één stalen spant. De spanten zijn bij de leveranciers geproduceerd en in delen bij de bouwplaats afgeleverd. 'Hier hebben we ze in elkaar gezet en vervolgens met een torenkraan omhoog gehesen', zegt BAM-projectleider Eric van Woudenberg. 'Op de daken van de vlindervleugels hebben we de spantconstructie in stalen 'voetschoenen' vastgezet. Dit zijn steunen die we eerder al met ankers in de betonvloer hadden gestort.'

Oersterk glas

Nadat de spantconstructie op zijn plaats zat, is daar een aluminium profiel op vastgezet. Dit is het frame voor de glasplaten. Eric: 'Elk dak telt zo'n vierhonderd glasplaten van diverse afmetingen. De grootste zijn 1,20 meter breed, 1,80 meter lang en 1,3 cm dik. Enorme platen dus; per stuk wegen ze maar liefst 70 kilo. Het glas bestaat uit twee glaslagen en daartussen twee lagen kunststoffolie. Als er iets zwaars op valt, kan het wel kapot gaan, maar er vallen geen scherven naar beneden. Dat is belangrijk, omdat in de atria mensen wandelen en zitten.'

Rijdende werkbrug

Ondanks het oersterke glas is lopen op de atriumdaken niet mogelijk. Daarom is voor onderhoudswerkzaamheden een verrijdbare werkbrug op het dak gemaakt. Eric: 'Dit is een smalle brug op wieltjes over de hele breedte van het dak. Om over de lengte van het dak te kunnen rijden, loopt zowel langs de lange zijkanten als over de nok een rail. Zo kun je op elke plek komen, bijvoorbeeld voor het wassen van de glasplaten. Op de brug kunnen tegelijkertijd twee gevelreinigers of onderhoudsmonteurs werken.'

Artikel delen:
Reacties 2

Reageer