Regionale waterkeringen beoordeeld door waterschap

Zwolle – Het Waterschap Groot Salland heeft het afgelopen jaar de regionale waterkeringen in West-Overijssel getoetst, een soort APK-keuring voor dijken. Regionale keringen liggen langs kleinere wateren. Dit in tegenstelling tot de primaire waterkeringen die langs de grote rivieren te vinden zijn. Deze toetsing heeft voor de eerste keer plaatsgevonden nadat de Provincie Overijssel de regionale waterkeringen heeft aangewezen en heeft bepaald welke veiligheid ze moeten bieden.

De resultaten laten zien dat de dijken van Groot Salland sterk zijn. Maar ook blijkt dat het waterschap aan de slag moet met verbeteringswerken door hogere toekomstige waterstanden in de regionale wateren. Waterschap Groot Salland heeft 10 regionale waterkeringen in zijn beheergebied (West-Overijssel). Deze keringen liggen onder andere langs de Kampereilanden, de Sallandse Weteringen, het Meppelerdiep, de Hoogeveense Vaart, Hessum en Polder de Koekoek. Naast het beheer van deze waterkeringen, waaronder de halfjaarlijkse controle tijdens de dijkschouw, heeft het waterschap de verantwoordelijkheid deze keringen te toetsen en wanneer noodzakelijk verbetermaatregelen uit te voeren.

Het toetsen is nodig omdat de waterstanden in de regionale wateren – bijvoorbeeld door klimaatverandering – hoger worden, er altijd werking in waterkeringen zit én de keringen volgens de nieuwste inzichten moeten worden beoordeeld. Zo weet het waterschap waar maatregelen nodig zijn en welke prioriteit ze moeten krijgen. Door de voortdurende wisselwerking tussen klimaatverandering, toetsing en verbetering blijven de waterkeringen op orde. Bij Groot Salland is 104 kilometer dijk getoetst en 71 zogenaamde kunstwerken (bijvoorbeeld inlaatwerken, sluizen en gemalen in de dijken). Ongeveer de helft van de dijken en circa 35 procent van de kunstwerken voldoet zondermeer aan de huidige normen. Het overige is als onvoldoende getoetst. Dit betekent niet dat er sprake is van een acute onveilige situatie achter de waterkeringen. Bij de toetsing is uitgegaan van extreme omstandigheden waaronder de waterkeringen weerstand moeten kunnen bieden aan een hoogwatersituatie die zich eens in de 100 tot 500 jaar kan voordoen. In dergelijke omstandigheden wordt door het waterschap extra aandacht gegeven aan de waterkeringen. Bijvoorbeeld door de inzet van de dijkwachtorganisatie om de waterkeringen extra in de gaten te houden. Ook kan het waterschap tijdig voorzieningen treffen zoals het plaatsen van zandzakken, een verbod op zwaar verkeer, het aanleggen van tijdelijke steunbermen of het opzetten van het waterpeil in de kwelsloten. Dit om de afgesproken veiligheid te kunnen bieden.Naast deze oplossingen in het beheer wordt door het waterschap gewerkt aan het opstellen van verbeterplannen voor structurele verbetering van de afgekeurde waterkeringen.

Artikel delen:

Reageer