Heroriëntatie vastgoedprogramma’s Zwolle

Zwolle – De Informatieronde van de gemeenteraad in Zwolle was maandagavond in drie delen opgedeeld. Het eerste deel kwamen de adviezen van en Deloitte en van Onderzoeksinstituut OTB van de TU Delft aan de orde. De heer Ten Have van Deloitte was aanwezig om vragen vanuit de raad te beantwoorden. Er werden onder andere vragen gesteld over de grondprijzen, regionale opgave, tijdelijke grondexploitaties en de positie van Zwolle ten opzichte van andere gemeenten.

De heer Ten Have benadrukte dat ook hij geen glazen bol heeft en dat rapportages worden gebaseerd op trends en prognoses. Hij vindt het wel van belang nu aan de slag te gaan met de MPV, het is immers een momentopname en dus nooit klaar. Met betrekking tot de grondprijs gaf hij aan dat het belangrijk is deze inzichtelijk te maken. Dat maakt het beter te beoordelen welke risico’s nog op de gemeente afkomen. Van een regionale woningmarkt is volgens de heer Ten Have nauwelijks sprake. Verder geeft hij aan dat het een mogelijkheid is om als gemeente te bezien hoe financieringsrisico’s voor externe partijen verkleind kunnen worden, behalve starterleningen zou hierbij bijvoorbeeld ook gedacht kunnen worden aan erfpachtconstructies. Aan het college wordt gevraagd of zij nog met een inhoudelijke reactie op de externe adviezen komt. Wethouder Piek geeft aan dat het college hier reeds aan werkt en dat een Informatienota hierover op korte termijn aan de raad verstrekt zal worden.

Bij het tweede deel van de avond schoven de corporaties aan. Namens Delta Wonen was mw. Kool aanwezig. Voor SWZ was mw. Van Rijen aanwezig en voor Openbaar Belang dhr. Brouwer. Alle corporaties geven aan, al dan niet getemporiseerd vast te willen houden aan hun investeringsagenda ondanks de onduidelijkheid die Den Haag hen geeft. Ze zijn regelmatig met elkaar en de gemeente in overleg, om te bezien waar ze elkaar kunnen vinden en mogelijkheden kunnen creëren. Het college geeft aan dat er gewerkt wordt aan een aangepaste woonvisie. Daarin is ook plaats voor de gevraagde gegevens met betrekking tot bouw en renovatie door corporaties en de onderzoeksresultaten van bureau Companen.

Het derde deel van de avond gaat over het vervolgproces. De voorzitter concludeert dat de informatie voldoende uitgewisseld is. Hier en daar zijn al wat meningen doorgeklonken in de vraagstelling. Na een inventarisatie bij de fracties blijkt dat de meeste fracties een meningsvormend debat willen voeren over de Nota van Uitgangspunten MPV. Het college kan de Nota van Uitgangspunten MPV dus schrijven op basis van haar voorkeurvariant. Bij die avondvullende bespreking over de Nota van Uitgangspunten MPV is tevens ruimte voor het geven van een algehele mening ten aanzien van deze thematiek en zal ook ruimte zijn voor terugblikken.

Artikel delen:

Reageer