Muziek! Vier eeuwen muzikale kunst

Zwolle – In een zinnenprikkelende tentoonstelling ervaart de bezoeker in het Stedelijk Museum Zwolle hoe muziek al eeuwen een inspiratiebron voor de beeldende kunst vormt. Naast schilderijen uit de 17e eeuw van onder meer Gerard Ter Borch, Pieter Codde, Jan Bellekin en Antonie Leemans, is werk te zien van vroeg moderne kunstenaars als Isaac Israels, Leo Gestel, Jo Koster en Raoul Hynckes en hedendaags werk van onder meer Guido van der Werve, Olaf Mooij, Peter Bes en Nico Parlevliet.

muziek.jpg 

De tentoonstelling is niet alleen een lust voor het oog, maar appelleert ook aan het gehoor. Naast bijzondere muzikale installaties is de muziek te horen die het uitgangspunt van meerdere van de tentoongestelde werken vormde. Bij de tentoonstelling verschijnt een tijdschrift met achtergrondartikelen en is een uitgebreid activiteitenprogramma samengesteld. Als uitgangspunt voor de tentoonstelling diende het werk Musicerend paar van de Zwolse kunstenaar Gerard Ter Borch (1617-1681), dat zich in de collectie van het museum bevindt. Zijn werk is exemplarisch voor de Gouden Eeuw, waarin de rijken zich niet alleen veelvuldig lieten portretteren, maar dat ook nog eens graag musicerend deden.

Op meer dan tien procent van alle schilderijen uit de Gouden Eeuw, speelt muziek een rol. Ook in latere eeuwen blijft de muzikant en het musiceren in huiselijke kring een rol in de schilderkunst spelen. Aan de hand van werk van onder meer Harm Kamerlingh Onnes, Piet Wiegman, Hendrik Valk en Jo Koster, is te zien hoe de stijl van schilderen in de loop der eeuwen veranderd is, maar de kracht van het onderwerp overeind is gebleven.
Muziek en meisjes van plezier
Aan het eind van de 19e eeuw vond een verschuiving plaats. Naast schilderijen van intieme gezelschappen, kwam steeds meer accent op het uitgaansleven te liggen. Hieraan lag de verstedelijking en de opkomst van de burgerij ten grondslag. De veranderende maatschappelijke omstandigheden vroegen om aangepaste voorzieningen. Zo rezen aan het eind van de 19e eeuw danshallen en café chantants als paddenstoelen uit de grond. Menig kunstenaar legde met grote interesse orkesten, dansende paren en blozende meisjes van plezier vast. In de grootste tentoonstellingszaal van het museum, is die bruisende uitgaanssfeer voelbaar. Er zijn niet alleen schilderijen van kunstenaars als Isaac Israels en Leo Gestel te zien, maar ook installaties van Olaf Mooij en Peter Bes.
Muzikale stillevens
Niet alleen voor musiceren was veel interesse, maar ook voor het muziekinstrument zelf. Al vanaf de 17e eeuw figureert het instrument in stillevens. Aan de hand van schilderijen van Jan Bellekin en Antonie Leemans is mooi te zien hoe het instrument enerzijds een boodschap kon overbrengen, van weelde of juist soberheid, en anderzijds geschikt was om het kunnen van de kunstenaar te tonen. De belangstelling voor het muzikale stilleven keerde terug aan het begin van de 20ste eeuw, toen schilders als Pablo Picasso en Georges Braque het instrument in hun kubistische stillevens verwerkten. Enkele decennia later grijpen realistische schilders als Raoul Hynckes terug op de traditionele schilderkunst van de 17e eeuw. Een mooi voorbeeld daarvan is in de tentoonstelling te zien.
Muziek als meest abstracte kunstvorm
Vanaf de 20ste eeuw is er steeds meer belangstelling voor het vastleggen van de muziek zelf, die gezien wordt als de meest abstracte kunstvorm. Niet langer staat het instrument of het musiceren centraal, maar juist de verbeelding van de tonen en noten. Zo maakte de Groninger Ploeg kunstenaar Wobbe Alkema abstracte ‘composities’ geïnspireerd op muziekstukken en ontwikkelde Johannes Tielens zijn zogenaamde ‘kleurmuziek’. Hendrik Nicolaas Werkman raakte in de ban van de Hot Jazz, en inspireerde daarop zijn Hot Printings. Voorbeelden van hun werk zijn in de tentoonstelling te zien. De hedendaagse jonge kunstenaars Daan de Jong en Thijme Termaat schilderen allebei uiterst gedetailleerde hyperrealistische schilderijen, met specifieke muziekstukken in gedachten. Hun werk is niet alleen te zien, maar de muziek die hen inspireerde ook te horen. Van kunstenaar Guido van der Werve is de film Nummer vier te zien. Met muziek van Chopin en Mozart raakt Van der Werve aan grote thema’s uit het leven zoals natuur, dood en schoonheid.
Activiteitenprogramma
Bij de tentoonstelling is een speciaal muzikaal activiteitenprogramma samengesteld. Voor de jongste bezoekers is er een speurspel met kleurplaat, voor oudere kinderen zijn er workshops waarin een kunstwerk op muziek wordt gemaakt. Verder vinden er lezingen plaats over de wisselwerking tussen muziek en de beeldende kunst en treden er regelmatig conservatoriumstudenten op in het museum. In januari vindt een zeer bijzondere muzikale avond plaats met countertenor Sytse Buwalda. Meer informatie over het gehele programma is te vinden op www.stedelijkmuseumzwolle.nl.
Artikel delen:

Reageer