Mevrouw P. Beekman-Geerlings over Spoelstraat

Zwolle – Op 7 maart gaat de gemeenteraad praten over de herinrichting van het Gasthuisplein. Betrokken Zwollenaren hebben de kans gehad hierover mee te denken en mevrouw P. Beekman-Geerlings heeft als pandeigenaar en oud-bewoner van de Spoelstraat een brief geschreven aan de gemeenteraad. Met name houdt ze een warm pleidooi om de Spoelstraat als toegangsroute voor voetgangers en fietsers naar het Gasthuisplein op te waarderen, "vooral nu de Zara zo pontificaal oprijst." In haar brief aan de gemeenteraad beschrijft ze ook de historie van de Spoelstraat en dit willen we de lezers van Weblog Zwolle niet onthouden. Vaak zijn de stukken aan de gemeenteraad formeel en ambtelijk, maar deze brief vormt een prettige uitzondering.

Als bewoner van Spoelstraat 4 (toen 4a) van 1971-1977 en later als eigenaar van Spoelstraat 2 heb ik de hele ontwikkeling van het Gasthuisplein tot nu toe meegemaakt. De sloop van het sombere gebouw van het klooster, het aan- en afrijden van de bussen en later het verdwijnen van de bussen. Daar knapte het plein al flink van op. De sombere schaduw van het gebouw op het plein verdween, het aanzicht van de hoge donkere muren was weg en het plein was niet meer zo gevaarlijk voor kinderen en voor jezelf, want je moest er donders goed uitkijken door het aan en afrijden van bussen en auto’s. Na de herinrichting kon je als bewoner er je kinderen rustig laten spelen.

De Spoelstraat was vroeger een gribusstraatje. Ik schaamde me er eigenlijk voor dat ik daar mijn werkplek had. Rechts naast mijn pand 4a, dus op het Gasthuisplein zat een makelaar, die het pand aan de buitenkant flink liet verloederen. De vellen hingen erbij. Voordat ik in het pand trok woonde er eerst een hoertje. Tje?, nou ze was nogal breed gebouwd. Haar grote onderbroeken hingen ‘s morgens al vroeg aan de waslijn aan de voorkant van nr 2 te wapperen. En om 6 uur ‘s morgens was ze de stoep al aan het schrobben. Schoon was ze zeker op haar huis en zichzelf. Soms werd er op 4a aangebeld en werd mij netjes gevraagd: ”woont hier ook een vrouw van lichte zeden?” Waarop ik antwoordde dat ze dan hiernaast moesten zijn… Ook had ze 2 kleine poppetjes voor de ramen staan. Een mannetje en vrouwtje, met de prijzen erbij. Mijn schoenmoeder vond die poppetjes wel erg duur… Dat was lachen. In de opgang van de trap van nr 2 zit nog steeds een luikje waardoor haar man kon kijken of het bezoek al weg was.
Na haar kwam er een jong stel op nr 2 wonen. Ook die handelden in drugs, of gebruikten in elk geval flink. We zijn nog steeds blij dat we daar veilig vanaf gekomen zijn als bewoners van 4a. Toen ik nadat ze eruit waren het pand kocht, vond ik overal door de ratten aangevreten blikken. Alle achterkanten van de winkels op de Diezerpromenade kwamen uit op het Gasthuisplein. In die tijd was het dan ook een keur aan armoedige gevels. Het zag er allemaal niet uit. Verveloos, de posters achter de ramen waren verkleurd of kapot of er zat een vies, niet passend schot voor. Toen ik Spoelstraat 2 in 1980 aankocht heb ik flink verbouwd en de gevel laten schilderen. (de makelaar naast mij helaas nog steeds niet, maar daardoor viel mijn pand extra op). Volgens notariële stukken stamt Spoelstraat 2 minstens uit 1400. Er lopen nog 2 stadsmuren door het pand. Ook zit er nog een bedstede in (van de 2) die ik intact heb gelaten. Tot mijn verbazing en vreugde had ik wat in gang gezet, want de winkels om mij heen begonnen ook hun panden aan te pakken en de een na de ander zette zijn pand in de verf. Of had de gemeente daar een aandeel in?
Wij hadden vanaf onze woning nr 4a het zicht op twee onbewoond verklaarde woningen, waar twee mannen (in nr 5?) een tijdelijke fietsenstalling exploiteerden voor de bewoners. Het dak was gewoon open, je keek daar door de dakspanten heen zo naar buiten en het lekte daar als een gek. Behalve in hun ‘’kantoortje”. Dat pand werd ook wel gebruikt als kroegje voor vrienden en ze draaiden er ook seksfilmpjes voor geïnteresseerden. Er werd geregeld bij ons aangebeld en mijn vriend gevraagd of hij naar al dat moois wilde kijken… De gemeente liet het allemaal oogluikend toe. Het pand had een invulling voor die tijd. Op nr 3 woonde eerst een oude dame en haar tonnetjes werden geregeld buiten gezet en door de gemeente opgehaald. Aan dezelfde kant in het hoekpand aan het Gasthuisplein woonde op de bovenste verdieping wat wij noemden “de Jezusfiguur”. Een zonderlinge jongen die 2 levensgrote boxen in zijn raamkozijn buiten had geplaatst en op geregelde tijden schalden dan de Jezusliederen over het plein. Ook dat mocht hij (gelukkig) ongestraft doen. Dat heeft echt jaren geduurd, totdat hij werd opgepakt. Hij wilde met mij samenwerken aan een boek, maar zijn onrustige ogen vertrouwde ik niet. Bij navraag bij de gemeente zeiden ze dat hij ongevaarlijk was. Een poos later is hij opgepakt en bleek hij iemand met een mes te hebben bewerkt. Na hem zijn de panden verbouwd en bleek een van de bewoners een levendige handel in drugs te hebben. Het was een gezellig af en aan verkeer van allerlei figuren.
Een paar huizen verder dan nummer 2 en 4 aan de even kant (nr 6 en 8?) , waar nu ook nog een inham is, was de zeefdrukkerij van Wout C. Wout hield wel van een borrel en dat moest zijn vrouw vaak aan den lijve ondervinden. Zij vluchtte geregeld naar ons toe. W heeft zich met drank op doodgereden en zo kwam zij mooi van hem af. Aan het einde van de Spoelstraat, tegenover de Mandjesstraat was een kroeg ‘’Het Zwarte Paard”. De eigenaren bleken ook niet van onbesproken gedrag te zijn en waren goede bekenden van de politie. Na korte tijd gingen zij ‘’failliet”. Ik heb nog steeds een flink bedrag van hen te goed.
De rijrichting in de Spoelstraat was indertijd nog 2 kanten op en je kon gewoon langs de kant van de weg parkeren. Wij konden de auto meestal voor de deur zetten. Later toen de rijrichting eenrichtingsverkeer werd, schilderde de gemeente de stoepranden geel en die stoepranden liggen er nog steeds. Sinds die tijd, na de bouw van de bibliotheek, is er nooit meer wat aan het straatje gedaan.” Einde citaat.
Omdat stukken aan de gemeenteraad openbaar zijn hebben we de vrijheid genomen het beeldende verhaal van mevrouw Beekman op onze website te publiceren en aandacht te vragen voor de Spoelstraat, waaraan dit jaar de achterkant van Zara “pontificaal zal gaan oprijzen.”

Hennie Vrielink

Artikel delen:
Reactie 1

Reageer