“Zonder knechten geen winnaar”

Zwolle – 

Meer dan 150 sponsoren van voetbalvereniging WVF waren woensdagavond 13 april bijeen om naar de zeer vermakelijke verhalen van oud-wielrenner Gert Jacobs te luisteren. “Zonder knechten geen winnaar”, trok hij de parallel naar het bedrijfsleven.

gert_jacobs.jpg

Foto: Henri Zuidberg 

Gerard de Jong van de sponsorcommissie opende de bijeenkomst. Hij constateerde dat de club uit zijn voegen groeit. “Afgelopen jaar kwamen er 150 nieuwe leden bij. We kennen nu 55 teams, waarvan 11 senioren- en maar liefst 44 jeugdteams. En dan hebben we nog op vrijdagavond 17 teams die meespelen in onze kidsleague.” In het verlengde daarvan is het lastig voor WVF om nog ruimte op het sportpark te vinden. “We zijn als club druk in de weer om daar oplossingen voor te vinden.” Die groei zet zich ook door in het aantal sponsoren. “In het afgelopen jaar kwamen er weer 16 bij en breidden vele sponsoren hun betrokkenheid uit. Dank daarvoor.”

Nieuwe voorzitter sponsorcommissie
De Jong vroeg daarna de 40-jarige Pascal Borst naar voren. Hij werd geïntroduceerd als de nieuwe voorzitter van de sponsorcommissie. “Ik ben mijn hele leven al betrokken bij WVF. Onder andere 13 jaar als speler van het eerste elftal. Ik wil graag samen met mijn mede commissieleden en de vele vrijwilligers die WVF rijk is, de band met jullie als sponsoren verder verstevigen.” Aansluitend konden sponsoren zich laven aan diverse lekkernijen, verzorgd door top kok Arjan Bisschop, Hanos Zwolle, Minoyu Asian-restaurant, Obiovino-wijnen, Heineken , Slagerij van Guilik en De Vreugdehoeve. Entertainer René de Brouwer liep tussen de sponsoren door. De ene keer als verwonde wielrenner. De andere keer als persmuskiet.   
Het hoogtepunt was natuurlijk het verhaal van een olijke Jacobs die smakelijk vertelde over 14 jaar profwielrennerschap, maar ook over zijn baan als chauffeur van meisjes van lichte zeden. Hij reed maar liefst 88 ritten in de Tour de France. “Zonder meesterknecht geen succes. Van Poppel was nergens geweest zonder de andere mannen, waaronder Jelle Nijdam en ikzelf. Net zoals ik het als kleine Gert nooit had gemaakt in het wielrennen als er bij mijn wielrenclub geen sponsoren en vrijwilligers waren geweest.” Jacobs verhaalde vervolgens over zijn ontmoetingen met televisieproducent Reinoud Oerlemans van Eyeworks voor het programma Tour du Jour. “Als gewone Drent moest ik naar Amsterdam. Ze wilden weten of ik wel kon praten. Dat hebben ze geweten. Aan het einde zei Oerlemans ‘ik ga vier weken televisie met jou maken. Maar let op: voor live tv moet je altijd eerlijk zijn’.”
Chauffeur seksclub 
Dat heeft Jacobs geweten. In de eerste uitzending vroeg presentator Wilfred Genee meteen naar zijn baan als chauffeur van een seksclub. “Ik hoorde het stemmetje nog in mijn achterhoofd: niet liegen. En toen heb ik het hele verhaal verteld en moest Wilfred zo lachen dat de tranen over zijn wangen biggelden.” Hij moest dames afzetten bij klanten en daarbij volhoudend zijn. “Nu 350 euro betalen en na een uur kom ik de dame weer halen. Geen minuut langer.” Bij zijn eerste rit, draaide Jacobs dat verhaal af tegen een man die drie koppen groter was dan hemzelf. “Dan slik je wel even. Maar hij vroeg: ‘jij bent toch die wielrenner?’ Ja, zei ik. ‘Maak je niet druk. Hier is de afstandsbediening. Vermaak je voor de televisie.’ 10 uur later werden even doodleuk duizenden euro’s afgetikt. Dat was ook meteen mijn eerste verhaal in Tour du Jour.” 
Jacobs ging in 1984 samen met Erik Breukink, Maarten Ducrot en Jos Alberts naar de Olympische Spelen van 1984. “We hadden ons vier jaar de schompes getraind. En we hadden landen als Rusland en Oost-Duitsland op grote afstand gereden. Maar in 1984 werd ook de tijdritfiets geboren. En die hadden wij niet. Waar blijven onze fietsen, riepen wij nog tegen de Nederlandse Olympische organisatie. ‘Jullie kunnen hard genoeg trappen’, was het antwoord. We werden uiteindelijk vierde met anderhalve minuut afstand op goud. Met een speciale fiets met zijn vieren achter elkaar rijden, scheelt minuten. Hadden we die fietsen gehad, dan had ik hier niet een kwartier staan ouwehoeren over hoe we vierde zijn geworden.” 
 

Mentale weerbaarheid
Als laatste haalde prestaties van Tom Dumoulin en Bauke Mollema aan. “Daarover kwam (ik) in discussie met Johan Derksen. Hij schilderde de huidige wielrenners af als de patatgeneratie. ‘Ideale schoonzonen, maar fietsen kunnen ze niet’.” Daar was Jacobs het niet mee eens. “Hoeveel kans heeft Ajax dat ze tijdens een wedstrijd winnen? 50 procent was het antwoord. Mollema is vandaag tweede geworden. Er doen 200 wielrenners mee. Er is er dus maar eentje die beter is.” In de Ronde van Spanje werd Dumoulin zesde. “Kreeg ik de vraag van Studio Sport of hij niet goed genoeg is voor dergelijke rondes… Zijn jullie vergeten dat hij vijf weken eerder tegen het asfalt is gesmakt en daarbij iets gebroken heeft in zijn schouder? Dit is juist een ultiem voorbeeld van mentale weerbaarheid en veerkracht. Als je niet oplet, doe je zo mee in de negativiteit.” En dat is het laatste wat Jacobs wil. “Ik ben een positivo.”  

Artikel delen:

Reageer