Viering Dag van de Arbeid op begraafplaats Kranenburg - Foto: Hennie Vrielink
Foto: Hennie Vrielink

Viering Dag van de Arbeid op begraafplaats Kranenburg

Zwolle – De laatste zin uit de toespraak van wethouder Eefke Meijerink bij het graf van dominee Gerard Horreüs de Haas was wel de meest persoonlijke: “En ook al heb ik straks geen baan meer, ik zal mij verbonden blijven voelen met de Partij van de Arbeid.” De kans is groot dat de PvdA niet zal gaan deelnemen aan het college van burgemeester & wethouders en dan zal Eefke Meijerink als wethouder plaats moeten maken voor een ander.

Arbeid is voor haar niet zaligmakend: “Er zijn dingen die mooier zijn dan fijn werk: de liefde, samen spelen, samen jong zijn of samen oud worden.” Daarmee sloot ze aan bij de levensbeschouwing van de ‘rode’ dominee Horreüs de Haas.

Gerard Horreüs de Haas was van 1919 tot 1943 dominee van de Vrijzinnig Hervormde Gemeente in Zwolle en tegelijkertijd ook voorzitter van de Zwolse afdeling van de SDAP, de voorloper van de PvdA. Eind dertiger jaren erkende hij als overtuigd christen volmondig de strijd van de sociaaldemocratie om meer economische gelijkheid: “Wanneer de enkeling en massa te tobben hebben met de meest elementaire levensnoden, wanneer het ontbreekt aan dek, dak, brood, aan arbeid en bestaanszekerheid zal uit zulke noden de kreet opstijgen om meer welvaart.”

Hij gaf volop steun aan de strijd om de meest elementaire bestaansvoorwaarden, “maar als dat bereikt is houdt het niet op.” Voor hem was er een hoger ideaal gebaseerd op “waarheid, schoonheid, geweten en liefde.” Hij vond het een “cultuurtaak” van de sociaaldemocratie ook hier invulling aan te geven.

Horreüs de Haas woonde op nummer 35 van het mooie huizenblok De Hardenberg aan Groot Weezenland vlak bij het Kerkbrugje. Hij was een geharnast bestrijder van het nationaalsocialisme, het communisme en antisemitisme. Ook in zijn persoonlijk leven streefde hij naar zuiverheid, recht en vrede. Hij had een sobere levensstijl, rookte niet, raakte geen alcohol aan en was vegetariër. Voor veel christenen en socialisten binnen en buiten Zwolle was hij een inspirerende persoonlijkheid. Bij zijn begrafenis in 1943 op begraafplaats Kranenburg waren ongeveer tweeduizend mensen aanwezig. Zijn ruwe grafsteen is gehouwen uit natuursteen en omringd door een veld van lelietjes-van-dalen midden in het wilde groen van Kranenburg.

Dinsdagochtend 1 mei legden wethouder Eefke Meijerink en de dertienjarige Manuela Eikelboom, kleindochter van de bekende Zwollenaar Joop van Ommen, een bos rode rozen op het graf van één van de grote voormannen van de sociaaldemocratie.

Artikel delen:

Reageer