Geslaagde De Kringlopera in Zwolle-Zuid - Foto: Hennie Vrielink
Foto: Hennie Vrielink

Geslaagde De Kringlopera in Zwolle-Zuid

Zwolle – De muziek- en theatervoorstelling De Kringlopera in de overvolle Kringloopwinkel Zwolle-Zuid kon dit weekend doorgang vinden dankzij de versoepeling van de coronamaatregelen.

Ruim tweehonderd inwoners van Zwolle-Zuid hebben genoten van deze voorstelling op 11, 12 en 13 juni. De mondkapjes moesten wel op en ook op anderhalf meter afstand van elkaar. Meer dan veertig wijkbewoners speelden mee in deze Bruisende Buren-voorstelling.

Men zegt wel eens dat voorwerpen een ziel hebben en dat geldt zeker voor spullen die al een lang leven achter de rug hebben. Amateur-acteurs uit Zwolle-Zuid brengen de afgedankte spullen tot leven. De startscene van De Krinlopera begint buiten bij de goederenontvangst van de kringloopwinkel. “Wij nemen hier graag uw bruikbare goederen aan.” Gerard komt samen met zijn vrouw de schemerlamp van zijn overleden moeder brengen. Hij had er moeite mee het huis van zijn moeder te moeten ontruimen: “Is van mijn moeder geweest.” Zijn vrouw: “Moet je al die troep bewaren?” De lamp begint te zingen: “Is dit het einde? Ze willen me niet meer.” Ook een onopvallend bijzettafeltje, krakkemikkige stoel, een beschadigde luxe pedaalemmer, incompleet bordspel en een zoutvaatje zijn al afgeleverd. Krijgen ze een tweede leven of worden ze gelijk in de grote afvalcontainer gedumpt omdat ze onverkoopbaar zijn? De selectie aan de poort leidt tot een dramatische scene en de deftige pedaalemmer wordt zonder pardon met een harde smak in de gifgroene container gekieperd: “Daar ga je dan jongen!”

De theaterbezoekers lopen in kringloop van scene naar scene; eerst buiten en dan via de achteringang naar binnen, waar in de rommelige reparatiewerkplaats de Less is More Band het publiek binnenpraat en vervolgens verrast met ritmische blaasmuziek. De schemerlamp laat ook weer van zich horen: “In de kringloop van het leven ben je altijd onderweg. Waar ben ik thuis?” Dan beweegt het theaterpubliek zich via de tot de nok toe gevulde loods onderlangs twee weemoedige trekharmonicaspelers naar de winkel, waar zich meerdere scenes afspelen. Twee onverwoestbare kunstbloemen die al jarenlang meegaan, maar liever een keertje echt zouden willen zijn. Een set kaplaarzen die al lang in de winkel staan, maar graag “vies en smerig” willen worden. De luie stoel: “Ik zit hier prima” en hoeft niet zo nodig in een druk gezin terecht te komen. Een erotische broodrooster die van binnen “broeit en gloeit” en een zielig pepervaatje dat haar zoutvaatje zo vreselijk mist. Het oude krakende en kreunende bed: “Er hebben zoveel mensen bovenop me geslapen.” Het kan zich nog goed de schuchtere vrijpartijen herinneren.

Aan het eind van de voorstelling wordt in staccato door spreekkoor Gioia de winkelvoorraad aangeprezen voor verkoop. De schemerlamp, die door Gerard en zijn vrouw aan het begin was afgegeven, begint als mezzosopraan te zingen en dansen. Een moeder en dochter komen de winkel binnen. Dochter gaat het ouderlijk huis verlaten en heeft spulletjes nodig. Ze ziet de schemerlamp, die ze goed kan gebruiken op haar studentenkamertje. Opgelucht verlaat de lamp de kringloopwinkel. Ze gaat aan een nieuw leven beginnen.

Artikel delen:

Reageer